Onderstaand is een reisverslag, geschreven door Jelle.

Het betreft een 4 daagse zeiltocht van Jelle en Otto:

Het is de bedoeling dat de reis 6 dagen zal duren. Vanaf dinsdag 23 tot en met 29 augustus. Wij hebben geen route uitgestippeld. We willen in ieder geval zeilen op het IJsselmeer. Voor een tocht over de Waddenzee naar één of meerdere eilanden zal de beschikbare tijd te kort zijn. Wij zullen wel zien.
Natuurlijk kun je niet zo maar van wal steken. Ook zo’n betrekkelijk korte zeiltocht vergt de nodige voorbereiding. Otto zorgt voor de laptop met gedownloade waterkaarten en een programma voor de navigatie met de GPS. Ik zorg voor de proviand en andere spullen, zoals reddingsvesten, brandblusser en gereedschap. De dieselolie- en watertank worden gevuld. Water aan bakboord en dieselolie aan stuurboord.  Niet verwisselen, want dan komen we niet ver!
De jerrycan voor drinkwater wordt gevuld. De avond vóór vertrek wordt de walstroom aangesloten en wordt de koelkast aangezet; beetje voorkoelen op stand 2. Ook de twee zeilpakken worden alvast aan boord gebracht. Prijzige dingen die hun geld wel waard zijn. Onder alle omstandigheden blijf je er droog en warm in. Hier en daar nog wat schoonmaken en dan zijn wij klaar voor de reis........

23/8

Wegens een tijdelijk tekort aan vrije dagen moet Otto s’morgens nog aan de arbeid. Dan nog een autorit van Almere naar Grou. Voordeel van een goede voorbereiding is ook dat je op de dag van vertrek meteen van wal kunt steken.  Om 14.30 uur gaan de trossen los. De bediening van de eerste brug hebben we zelf in de hand. Het is een kwestie van even goed op het daarvoor bestemde knopje drukken met de achterkant van de pikhaak of met de duim. Onder een dreigend wolkenveld koersen we via het Prinses Margrietkanaal richting Sneekermeer. Op de motor want we willen opschieten. De brugwaters van de spoorbrug (zit in Zwolle op een monitor te turen) en Oude Schouw zijn ons zeer welgezind. We mogen er snel door. Al gauw varen we door de altijd openstaande sluis bij Terherne. Op het Sneekermeer worden we welkom geheten door een fikse regenbui.  Via de Sybesloot bereiken we feilloos de ingang van de Noorder Oudeweg, dankzij mijn lokale kennis en de GPS. De eerste brug vóór de Langweerder Wielen (oude rijksweg Sneek - Joure) wordt bediend. Via de marifoon bereikt ons het bericht dat we moeten wachten op de bus. Even voor de duidelijkheid: meestal wacht je bij een bushalte op een bus. Dan moet je met de bus mee. Wij moeten wachten tot de bus over de brug is. De tweede brug wordt niet bediend. Hoeft ook niet want die is zo hoog dat de schepen met een mast er zo onder door kunnen. Die van ons ook. Dat weet Otto inmiddels uit ervaring.
Het meer bij Langweer wordt gekenmerkt door de vele ondiepten. Het is dus zaak om de betonde route te volgen.
In de 80er jaren zijn Otto en ik met onze BMer hier eens grandioos verdwaald. Het gevolg was een urenlange dwaaltocht en het verlies van een glas van mijn bril tengevolge van een botsing giek – hoofd door een onverwachte gijp. Dit voorval was voor Otto aanleiding om vooraf de lollig bedoelde opmerking te maken : “extra bril niet vergeten.” Een ander gevolg is dat we nu feilloos de Janesloot kunnen vinden. Als je dan ook nog via De Koevorder en een stukje PM-kanaal de Jeltesloot kunt vinden, is Heeg snel bereikt. Heel prettig dat de brug over de Jeltesloot, waar voorheen het op het water en op de weg altijd filevorming was in de zomermaanden, vervangen is door een aquaduct.
We hadden al besloten om in Heeg te blijven. Wij zouden de brug bij Warns (bediening tot 20.00 uur) nog wel op tijd kunnen halen om zo door te stomen naar Stavoren, maar dan zouden we amper voor donker op de bestemming zijn.
Rustig aan dan………..inderdaad !
Inmiddels is de zon doorgebroken en glijden we om ongeveer 19.00 uur rustig de jachthaven van Heeg binnen. Eerst even melden bij het havenkantoor(tje) alwaar wij voor het overnachten van 2 personen aan boord van een boot van 27 voet (8.30 m) zegge en schrijve € 14, 15 (veertieneuroenvijftieneurocenten) betalen, incl. event. inname van water en het gebruik van walstroom. Wat willen we nog meer, we liggen prima, het weer is nu behaaglijk en de vooruitzichten hebben iets te maken met een strofe uit een aloud Sinterklaasliedje: vol verwachting klopt ons hart.
Voor mij is het vandaag de eerste keer koken, eten en slapen aan boord van deze Jeanneau Fantasia, kajuitzeiljacht, 27 voeter. (Allerhande voor de eigenaar c.q. gebruiker belangrijke details worden de lezer dezes bespaard) Otto was al eerder en meer dan eens met de rest van zijn gezinnetje  overnachtingsgewijs met deze boot op stap geweest. Hij heeft dus al wat ervaring opgedaan.
Er staat nog “Impuls” op, maar wij hebben deze aanwinst al omgedoopt tot  “Sela”.  Onze 3e boot met deze naam.
Lekker makkelijk om klaar te maken (dus ik kook) en lekker om te eten; bami met eitje en saté. Voor € 0,20 hebben we lekker heet afwaswater.
De avondwandeling brengt ons bij vele oude, bekende plekjes, maar er is uiteraard  in de ruim 25 jaren, na ons bezoek met de BMer, ook veel veranderd. Herinneringen worden opgehaald. Wat staat er nog veel op onze harde schijf die geheugen heet. Wij nemen in het dorp nog een ijsje als toetje.
Het is van groot belang dat je in jachthavens rekening houdt met andere varensgezellen. Dus worden met een paar lijntjes de tegen de mast klapperende vallen opgebonden. Nu kunnen de buren lekker slapen. Na het nuttigen van een borreltje (ik) en een biertje (Otto) gaan wij dat ook doen.

heeg

 

24/8

Om 8.15 op. Beiden goed geslapen. Na een bezoek aan het waslokaal en een ontbijtje gauw de trossen los en op weg naar Stavoren. Op de motor. Otto probeert het nog wel even op de genua, maar dan blijkt dat het Heegermeer net niet bezeild is. We hebben geen zin in laveren. Snel richting IJsselmeer. Regenbuien, motregen en een enkele droge periode wisselen elkaar af.
Op Galamadammen is in de loop der jaren het een en ander veranderd. Ook hier is de brug vervangen door een aquaduct en is de jachthaven flink wat groter geworden ; Nijefurd opgestuwd in de vaart der volkeren !
De brug bij Warns gaat in de zomermaanden voortdurend op en neer. Ook nu. Wij komen aangevaren, brug staat open, gaat neer om 6 auto’s door te laten en gaat prompt weer omhoog.
Vóór de sluizen van Stavoren liggen in het “gangetje” aan bakboordzijde 5 zeilboten en een grote motorboot te wachten. Wij gaan aan stuurboordzijde vooraan liggen.
De in de kolk drijvende catamaran uit Elahuizen, ingericht voor het zeilen met invalide mensen, heeft voorrang boven allen. Wij hebben geen bezwaar. Otto laat netjes de zeilboten voorgaan, maar wil niet wachten op de treuzelende motorboot die vóór ons was aangekomen. We zijn snel geschut. Het verval is slechts enkele decimeters. Et voilà, onze primeur is daar. Voor de eerste keer met eigen boot op het IJsselmeer. Otto heeft onze bestemming Medemblik via de computer in de GPS gestopt; mea culpa voor de ondeskundige formulering.
En daar gaan we, trots als twee pauwen onder zeil in de motregen met een windje 2 à 3 Bf richting Noord Holland. Het duurt even en dan zijn we helemaal alleen op dit voor ons zo grote water……..denken wij. Weldra worden we vergezeld door een enorme zwerm vliegen. Alles zit in luttele seconden onder de vliegen. De kringen bijten niet, maar toch krijg ik er jeuk van. Voer voor psychologen. Zo snel ze gekomen zijn, verdwijnen ze ook weer. Het schijnt hier een bekend verschijnsel te zijn.
Ik zeil lekker aan de wind tot Otto mij erop wijst dat de GPS aangeeft dat ik de beoogde koers niet houd. Ik val wat af om zo weer op koers te komen. Ietsje minder leuk zeilen naar mijn smaak, maar tegenwoordig worden onze richtingen veelal niet meer bepaald door de wens van de mens, maar door Tom Tom en GPS. Ik heb mij in dit modernisme te voegen.  Even voor de leek het volgende. “Ik val wat af” betekent in dit verband niet dat ik enkele kilo’s lichter ben geworden. Het betekent dat ik iets van de wind af ben gaan varen. (Het tegenovergestelde heet niet aankomen of dikker worden, maar opsturen, omhoog gaan of oploeven)
Ondanks de aanhoudende regen zijn we toch blij, en wel met onze nieuwe zeilpakken. Zoals gezegd : je blijft er droog en warm in. De beloofde opklaringen dienen zich aan als we de beide kerktorens en het hoge, rode dak van het oude gemeentehuis van Medemblik duidelijk in zicht hebben. We varen de Pekelharinghaven in. De buitenhaven lijkt ons erg ongezellig.
Aanleggen aan de eerste steiger vindt Otto geen goed plan. Omkeren en doorvaren tot we aan steiger N een vrije ligplaats vinden, nummer 13. Vanwege het veronderstelde, drukke verkeer lijkt ook dit niks, volgens Otto. Toch maar aanleggen. Achteraf blijkt het met de drukte heel erg mee te vallen. Ik vind het een mooi plekje, zo midden in Medemblik. We melden ons onmiddellijk bij het kantoor van de havenmeesteres annex brugwachtster, betalen met plezier € 13,60

 

medemblik

 

in de wetenschap dat alle voorzieningen (ligplaats, douches, water, walstroom en afwaswater) hiermee zijn betaald. De supermarkt is één straat verderop. In  De Spar (wist niet dat die nog bestond) doen we boodschappen. De mondvoorraad moet nodig worden aangevuld. Nadat we de natte zeilpakken en reddingsvesten over de giek hebben gehangen om te drogen, gaat Otto in de kombuis aan de slag. Met ingrediënten van de Spar gaat hij een panvol macaroni c.a. voor ons koken. Ik zorg later voor de koffie. De traditionele avondwandeling door het oude Medemblik voert ons langs heel mooie, oude panden. De oudsten uit de 15e eeuw. We zien ook dat er veel is vervangen door nieuwbouw in het centrum. Dat kan ons nou weer niet bekoren.

eten

 

Wij vermaken ons om de kennelijke smetvrees van een even verderop gelegen Duitse heer. Duidelijk de zeer trotse eigenaar van een mooi groot schip; type motorsailer, naam: Easy Rider. Gewapend met poetsdoeken en 2 flacons poetsmiddelen gaat de man tekeer dat het een lieve lust is. Zijn in een boek lezende vrouw moet af en toe van zetel veranderen om manlief de gelegenheid te geven op de verlaten leesplek zijn poetswoede bot te vieren. Uiteindelijk gaat zij naar binnen om verder te lezen. Wij weten niet hoe de man heet, maar hebben wel een passende naam voor hem bedacht ; Herr Putzmann.
De weersverwachtingen voor morgen zijn slecht. Regen en nog eens regen. De wind wordt goed ; 4 Bf. Eigenlijk willen we morgen naar Urk. Tijdens het nuttigen van een slaapmutsje zegt Otto dat hij morgen liever terug gaat naar Friesland dan naar Urk vaart. Als de regen al blijft aanhouden gaat de lol er af en is Friesland een beter oord voor een versnelde terugkeer naar Grou. Ik ga akkoord. Wij gaan morgen naar Hindeloopen en gaan nu slapen.

 

medemblik 1

 

25/8

Gisteren hebben de weersvoorspellers te diep in het glaasje gekeken of er is een wonder geschied. Onze door een diepe slaap nog lodderige ogen ontwaren een blauwe lucht met hier en daar een wit wolkje. Weliswaar geen wind van betekenis, maar dat kan nog komen. Het is nog vroeg. Herr Putzmann is al weer druk doende met doeken en flaconnetjes. Het heeft gedauwd vannacht dus moet de Easy Rider onverwijld weer een grondige poetsbeurt ondergaan. Otto wil de man vragen om onze boot ook te doen. Zou te lang duren. Doe maar niet. Wij gaan eerst samen naar het toiletgebouw om te douchen. Na het ontbijt gaat Otto aan boord de boel beredderen en ga ik met een teiltje met inhoud weer naar het toiletgebouw, aan de andere kant van de haven, om de afwas te doen. Als ik de vaat schoon en droog heb, komt Otto met de Sela mij ophalen. Hij ligt al aan de wal. Prima planning. Om 10.10 uur varen we het IJsselmeer weer op. Er is een klein windje opgestoken. Dus zeilen omhoog, insmeren tegen zonnebrand en met een bakstagwindje koers richting Hindeloopen. De wind haalt aan tot de beloofde 4 Bf. Dit is mooi, dit is geweldig, hier hebben we van gedroomd. Voorbij het Vogeleiland staan er echte golven. De Sela neemt ze als een meeuwtje. In één lange bakboordslag kunnen we zo Hindeloopen aanlopen. De zon laat ons niet in de steek. Onze ervaring is in één werkwoord samen te vatten:
“genieten”, maar dan wel volop.

 

Genieten

 

Genieten

 

Niet meteen de haven van Hindeloopen invaren. Een beetje afzakken naar het zuiden, tot het havenhoofd van Stavoren (het is nu 14.45 uur) en daarna weer omhoog richting Hindeloopen. Vergeleken met gisteren is het druk op het IJsselmeer. Is ook geen wonder met dit prachtige zeilweer. Dat betekent ook dat er veel gegadigden zullen zijn voor een ligplaats in de haven. Dus niet te laat naar binnen. Denk om de ondiepten bij Hindeloopen. Dieptemeter in de gaten houden en netjes langs de boeien rustig de haven invaren, ongeveer om 16.00 uur.  De havenmeester met witte kapiteinspet is gauw gevonden. Type, oude zeerob, gezeteld op de kop van een steiger, in de zon, aan een soort bureautje met laptop. Wij melden ons voor overnachting. “Wat wilt u een box of punt ?” Nu weten wij wel wat een punt is, bijvoorbeeld een bepaald leesteken, einde van een langwerpig voorwerp, stuk van een taart, maar wat een punt betekent in het kader van het aanleggen van een boot is ons niet bekend. Dus roepen wij gezamenlijk: “box”. Box 21 wordt ons toegewezen. De havenmeester komt later langs voor de financiële afwikkeling. We zijn mooi op tijd binnen dus tijd voor het schoonmaken van de Sela. Van binnen en van buiten. We bekijken de door Otto gemaakte filmpjes. Mooi.
Naast ons komt een kajuitzeilboot aanleggen. Otto helpt even. Dank je wel ! In een zucht en een scheet slaat de eigenaar/heer op leeftijd een blikje Heineken naar binnen en verdwijnt terstond. De man moet een ontzettende dorst hebben gehad.
De havenmeester komt langs. Hij vraagt mij of de groep luidruchtige jongelui van Duitse herkomst ook overlast bezorgt. Welnee. Wij zijn toch ook jong geweest ? Ze springen vanaf een hoge steiger onder luid gejoel in het water met het kennelijke doel om binnenvarende schepen te “enteren.” Zo beleeft een ieder op eigen wijze de watersport.
De havenmeester stelt de gebruikelijke vragen. Hoeveel overnachtingen, hoeveel personen, lengte van de boot, plaats van herkomst etc. Dus uit ús Grou ! Heb ik ook gewoond. De naam is Hoekstra. In 1985 geëmigreerd, woonde in de Oosterhoutstraat. Wij kennen elkaar niet, ja, nu dus wel.

 

haven hindeloopen

 

En als wij bij de viskraam ons te goed doen aan lekkerbek met patat, komt de beloofde regen. Onze avondwandeling voert ons door het oude Zuiderzeestadje. Alles is hier klein. Straatjes, huisjes, waterloopjes, supermarktjes, bruggetjes.
Ik wijs Otto het restaurantje aan waar ik enkele jaren geleden een bijzondere ervaring opdeed.
“Ik wandel door Hindeloopen, heb trek in een hapje, zie een   
etablissementje waar op een bord wel 20 soorten pannenkoeken
worden aangeprezen. Ik naar binnen en bestel een pannenkoek
ananas. Reactie uitbater: “Moet ik eerste even kijken of ik wel meel
heb.”
Ach ja, wie verre reizen doet kan veel verhalen. Voor rare verhalen hoef je soms niet ver te reizen.
Na een ijsje en een alcoholische versnapering begeven wij ons in Morpheus armen. Water tanken kan morgen wel.

 

26/8Wat gaan wij vandaag doen ? Heel makkelijk; om 7.15 uur telefoon uit Vianen. Heleen is ziek. Kindertjes even bij oma ondergebracht, maar dat kan niet lang duren. Dus snel naar huis. Geen tijd om water te tanken.
Otto zorgt er voor dat de Sela vaarklaar is en ik ga naar het supermarktje van Sikkens. Inderdaad klein, ook het assortiment. Voor vleeswaren moet ik naar de slager. Volgens de mevrouw aan de kassa: hier links en dan weer links. Niet dus. Na enig speurwerk heb ik in een piepklein straatje toch een slagerijtje gevonden.
Met een onsje ham en 2 flinke, eigengemaakte saucijzenbroodjes rijker loop ik terug.
In de haven nog even contact met havenmeester Hoekstra. “Moet ik in Grou nog aan iemand de groeten doen ?’ “ Eh.. ja, aan mijn oude maat Otte Bouma.” 
“O, ja de boer, zal mijn best doen.”
Otto heeft begrijpelijkerwijs haast. Motor al aan, trossen los en de haven uit. Mooi, rustiek Hindeloopen, het was ons een waar genoegen ! 
Snel naar Stavoren om daar binnen te lopen. Er staat een wind 3 à 4 Bf. dus de zeilen op, want zo lopen we harder dan op de motor. De lucht betrekt heel snel. Het wordt donkerder. In de verte horen we wat gerommel. Voordat we het weten zitten we midden in een onweersbui. We zien de bliksemflitsen in het water schieten. Snel volgen de harde donderslagen. Gelukkig worden we niet geteisterd door harde windvlagen. We voelen ons niet zo veilig meer. En dat is een eufemisme van het zuiverste water. Maar we kunnen niks doen. Gewoon doorzeilen en zo snel als mogelijk de haven zien te bereiken.
Zo snel als het onweer is gekomen, verdwijnt het ook weer. In alle rust varen we het havenhoofd van Stavoren in. Er dobbert 1 zeilschip wat rond. Her en der liggen een stuk of wat schepen aangemeerd, niet in een wachtrij..  Wat willen ze, blijven liggen of geschut worden ? Als de sluiswachter het teken “gereed maken voor invaren” geeft, wordt het duidelijk. Ze willen allemaal naar binnen. Het schutten gaat weer snel.
In het Johan Frisokanaal varen we op de motor. Als de brug bij Warns omhoog gaat heb ik de koffie klaar. Niet met onze favoriete kandijkoek. Vanwege het kleine assortimentje in het supermarktje van Sikkens, moeten we genoegen nemen met een stukje zoetelief. Is trouwens ook wel lekker.
Op de Morra gaan de zeilen weer omhoog. De windkracht varieert. We lopen 4,5 tot 6 knopen. Zo bereiken we vlot het Heegermeer waar wij al zeilend ons te goed doen aan de saucijzenbroodjes en smakelijk het brood verorberen met de voortreffelijke ham uit meergenoemd slagerijtje.
In de Jeltesloot krijgen we de wind op de kop en ook weer een hele hoop regenwater.  Dus weer op de motor tot de Goyingarijpster Poelen. Daar op de Genua verder tot de brug bij Oude Schouw. We mogen er gauw door. Bij de spoorbrug bij Grou moeten we even iets meer geduld hebben. Er moeten eerst 3 treinen over heen voordat wij aan de beurt zijn. Als wij onze ligplaats hebben bereikt, laden wij de meeste, mee te nemen spullen in de auto van Otto. Hij brengt mij thuis. Ik haal later de rest op, sluit de walstroom aan en sluit de boel af. Otto rijdt onmiddellijk door naar Vianen.Onze reis zou 6 dagen duren. Helaas door overmacht moest deze bekort worden.
Toch zullen wij nog heel lang in goede herinnering terugzien op deze 4 dagen. JeBe
04092011

   
© Sela Zeilbootje